Ferrari experience: beleef Italië vanuit een F430


Het is een verschrikkelijk warme dag. Het is nog vroeg in mei en nu al 30 graden celcius. Vanochtend met de oude, maar comfortabele Volvo van Deiva Marina naar Maranellogereden. Ondanks snelweg-snelheden van tegen de 140km/u was het nog best een eind. Ferrari experience: beleef Italië vanuit een F430.

De auto vervolgens op de parking voor de “Galleria Ferrari” gezet, maar eerst even eten. Het ontbijt was een droog stokbroodje (zonder beleg!) en een banaan, je kan in Italië echter overal verse pizza krijgen. Om 11.00 wordt het karige ontbijt door een stevige brunch gecompenseerd.

Het volgende dagdeel bestaat uit Ferrari’s bekijken. Binnen Ferrari’s bekijken, in de Galleria Ferrari. Op de betreffende dag moet het binnen zeker 50 graden Celsius zijn geweest. Volledig uitgedroogd en oververhit stap ik daarom na twee uur weer naar buiten.

In de auto lag nog wat energiedrank en water. Alles op de tast gevonden en langzaam stroomt het leven mijn lichaam weer in. Dan zie ik toch iets wat lijkt op een oase, even voorbij de parkeerplaats van de ‘Galleria’ hangt een spandoek dat “Rent a Ferrari” leest. Mijn twee reisgenoten en ik gaan op onderzoek uit, en wat blijkt? Die Italiaanse krengen zijn daar gewoon te huur voor iedere gek met een rijbewijs. Ergens wil ik het niet geloven, dus we gaan navragen. Wat blijkt echter, je mag inderdaad zelf rijden maar op de passagiersstoel zit wel een ‘instructeur’.

Onbeheersd en impulsief als ik ben heb ik de auto toen maar direct gereserveerd. Na tien minuten rijdt deze voor en na wat foto’s met omstanders kan ik instappen. Het is een F430, met Scuderia velgen, uit 2005. De auto is goed warm gereden en verbluffend kaal van binnen. Zo kaal dat ik mij moeilijk kan indenken wat er bij de 430 Scuderia uit is geschroefd voor gewichtsbesparing. De stoel wordt (met de hand) afgesteld en ik mag starten.

*VRRROEM* doet de F430. Lekker Italiaans veel inspuiten bij het starten voor een aggressiever geluid. Het is een uitvoering met ‘robotkoppeling’ dus wegrijden gebeurt in de suffe automaatstand. De instructeur ziet echter na de eerste rotonde al ‘dat het goed zit’, en ik mag in de -tweede trap- van de ‘moederelektronica’ gaan rijden. Nog twee minuten gaan voorbij, tot ik de BBK uit ben en vlak voor mijn eerste 150km/u inhaalactie mag de elektromamma eindelijk op de *RACE* stand.

De tijd gaat sneller dan verwacht. Na een poosje asociaal rondscheuren over landweggetjes met 160+ km/u komen we in de buurt van de snelweg. Een Italiaanse snelweg. Dat betekend dat de opritten nooit langer dan 100m zijn. Tsja, laat ik de auto nou ‘per ongeluk’ bijna stil zetten aan het begin van die oprit. De eerste versnelling wordt ingeschakeld en het gas gaat er vol op. Vervolgens ontketend zich ‘het beest’. Op een of andere manier worden het geluid en de kracht alleen maar meer, meer meer! Het race-rubber blijft aan het asfalt plakken en de wereld schiet voorbij.

Ik probeer het rechterpedaal uit alle macht door de bodem heen te trappen, het schouwspel is onbeschrijfelijk. Ik ken de acceleratie van een oude 356, van een Volvo 740, maar ook van een Boxster S, Cayman S en V70R. Dit stelt allemaal niks voor. Alles verbleekt naast de 490 volbloed racepaarden van de Ferrari. Dit is veel vermogen, en vermogen in hoge toeren. De teller leest “8200” op het moment van schakelen. Als je vervolgens niet vol met adrenaline zou zitten wordt je bang van de krachten waarmee de ‘robot’ al deze paarden in de volgende versnelling zet. Het voelt alsof de auto door een geluidsbarrière heen knalt. De versnelling blijft maar toenemen, weer tot de magische 8200 toeren grens. Dat gebeurt vier keer, tot ik in de 5e versnelling rij. Mijn ogen komen al lang niet meer in de buurt van de kilometerteller, maar dat deze ruim meer dan 260km/u aanwijst staat vast.

Ik hou van veel sporten, ben verslaafd aan endorfine en met de mountainbike rij ik graag zo hard mogelijk iedere willekeurige afgrond in. De kick die je krijgt van het geweld dat zich in een F430 afspeelt overtreft dit echter allemaal. De toerenteller reikt zó ver, het motorgeluid is zó luid en de wegligging is zó formidabel.

Dit alles zorgt voor een aantal extra zaken om rekening mee te houden. Je kan niet langzaam rijden met een Ferrari. Niet voor lang. Het is mogelijk de stad uit te rijden, maar vervolgens moet en wil de auto aan. In een land als Italië krijg je daar ook de ruimte voor. Onafhankelijk van de verkeerssituatie gaan alle niet-Ferrari’s van de linker baan af! Op tweebaans-wegen maakt men ruimte voor jou om in te halen. Omstanders schreeuwen om meer geluid en er heerst respect alom voor deze auto’s.

Mijn besluit staat vast. Ik wil er één. Gewoon voor erbij, want zelfs met 1m85 en een slank postuur is de in- en uitstap lastig. Ondanks dat ik vóór 2 mei vaak sceptisch was over Ferrari, ben ik nu van mening dat je niet geleefd hebt voor je er in gereden hebt. Volvo’s zitten vol met klasse, comfort en verstand, Ferrari’s zitten vol met passie. Al deze woorden hebben een nieuwe invulling gekregen. Passie mag dan het enige zijn wat de Ferrari’s hebben, ze hebben er zo veel van dat je in de auto niks anders meer nodig hebt.

 

Ferrari experience: beleef Italië vanuit een F430.

 

Recent Content