Column Mitchell van der Koelen – Zoekt u iets?


Dat vooroordelen de wereld nog niet uit zijn, werd mij enige tijd geleden pijnlijk duidelijk. Als er één plek is waar vooroordelen een grote valkuil kunnen vormen, is het wel in het wereldje van de autoverkoop. Niet voor niets wordt er in opleidingen en tijdens cursussen alles aan gedaan om (auto)verkopers mee te geven: beoordeel niet op uiterlijk. Column Mitchell van der Koelen – Zoekt u iets?

Nu zal ik de laatste zijn om te ontkennen dat ik mensen wel eens op uiterlijk voorkomen beoordeel. Het zit in de menselijke aard. Alle nobele verhalen ten spijt: de eerste indruk wordt gevormd door het uiterlijk van de persoon in kwestie. Klaar. Iemand die tijdens een sollicitatie in een net pak verschijnt, maakt nog voor hij zijn mond opent een betere indruk dan iemand die in trainingspak binnen komt lopen. Ik probeer echter wel altijd waakzaam te zijn voor dergelijk gedrag, daar het ook kan zorgen voor fouten. Misschien helpt het dat ik zelf ruime ervaring heb met hoe het is om op uiterlijk te worden beoordeeld. Ik weet nog goed hoe het was toen ik zes jaar geleden mijn eerste stappen zette in de wereld van de autojournalistiek. Ik werd nog net niet weggehoond maar overal waar ik binnen kwam zag ik de blikken. Blikken die de gedachtes verraadden: “wat moet dat jonkie hier, wat weet hij nou?” Maar zoals met zoveel dingen, vervaagden de twijfels met het verstrijken der tijd.

Zo nu en dan bleek wel dat er bij dealers nog heel wat verkopers van de oude stempel rondlopen. Wanneer ik met een vriendin meeging om voor haar een auto te vinden, begon het merendeel van de verkopers automatisch tegen mij te praten. Maar niets is zo grof en verbazingwekkend als dat ik enige tijd geleden bij een niet nader te noemen dealer meemaakte. Ik was mij aan het oriënteren op de koop van een nieuwe auto. Het was zaterdagochtend en mijn zusje was bij mij op de koffie. Spontaan ontstond het plan om een rondje langs een aantal dealers te maken. Nu moet u weten dat wanneer ik mij op een dergelijke aankoop voorbereid, ik ook beslagen ten ijs kom. Op het moment dat ik bij de dealer binnenstap, weet ik alles over mijn potentiele nieuwe auto. Ik maak er een sport van om meer van de auto te weten dan de verkoper zelf. Enfin: als ik een dealer bezoek, doe ik dit serieus en met een duidelijk intentie. Wij stapten de dealer binnen. Mijn zusje, een niet onaantrekkelijke jonge vrouw, compenseerde kennelijk nog onvoldoende voor mijn weekendse voorkomen (jeans, sportschoenen, trui en grote bos krullen). Hoewel het met de drukte nog redelijk meeviel, konden wij niet rekenen op een kopje koffie of zelfs een vriendelijke groet. Na een minuutje of tien rondgelopen te hebben, werd ik nog steeds niet geholpen. Mijn zusje wist inmiddels al alle ins en outs van de beoogde nieuwe bolide. Tot mijn grote verbazing werden de man in pak, alsmede de twee oudere echtparen die toch echt ruim na mij de showroom waren binnengelopen wél direct en uiterst vriendelijk geholpen. Ik besloot over te schakelen op de laatste tactiek: een beetje schaapachtig staan kijken bij de ingang. Dat werkt altijd. En verdomd, een arrogant ogend heerschap beende ons voorbij, stopte, draaide om en vroeg (hij vroeg dit letterlijk): “Zoekt u iets?” Ik keek mijn zusje aan, keek terug naar de man en zei: “Nee, dank u, wij kijken wat rond.” Het schokkende is dat de opluchting van het gezicht van de man viel af te lezen. Hij wilde helemaal niet helpen, zoals al viel af te leiden uit zijn onbeschofte manier van vragen. Wij zetten rechtsomkeert en drie weken later reed ik mijn nieuwe auto die ik kocht bij een keurig Brabants autobedrijf waar klantvriendelijkheid wel hoog in het vaandel staat en men verder kijkt dan de neus lang is.

Column Mitchell van der Koelen – Zoekt u iets?

Recent Content